Schoolondersteuningsprofielen

De Wet Passend Onderwijs schrijft voor, dat elke school moet beschikken over een schoolondersteuningsprofiel, waarin een beschrijving staat van de voorzieningen die zijn getroffen voor leerlingen die extra ondersteuning behoeven. Deze beschrijving moet ouders/verzorgers houvast bieden bij hun schoolkeuze.

De gezamenlijke schoolondersteuningsprofielen van de scholen binnen het SWV geven een beeld van de ondersteuning in totaal en dat vormt mede de basis voor beleidsontwikkeling binnen het SWV ter aanvulling op het beleid van de afzonderlijke besturen.

De samenhang tussen de afzonderlijke schoolondersteuningsprofielen en het ondersteuningsplan van het SWV is ook af te lezen in het ‘Stroomschema planontwikkeling’ dat in 2012 werd ontwikkeld en dat als bijlage aan dit plan is gevoegd.

De gemeenschappelijke basis

De IHI-aanpak behoort – in samenhang met alle aspecten die behoren tot handelingsgericht onderwijs – tot de gemeenschappelijke basis in de schoolondersteuningsprofielen op de scholen binnen het samenwerkingsverband.

De schoolspecifieke ondersteuningsarrangementen

Aanvullend op de gemeenschappelijke basis bieden een of meerdere scholen de volgende school specifieke ondersteuningsarrangementen aan:

  1. Eengerichtaanbodvoorhoogbegaafdeleerlingen.
  2. Eersteopvangvanniet-Nederlandstaligeleerlingen.
  3. Voor- en vroegschoolse educatie (VVE)
  4. Motorischeremedialteaching(MRT).
  5. Schakelklassen voor leerlingen, die extra taalondersteuning nodig hebben.
  6. Een speeltaalhuis voor peuters met extra grote taalachterstand in combinatie met sociale problematiek in samenwerking met de kinderopvang.

In hoeverre bij het tegemoet komen aan de ondersteuningsbehoeften van leerlingen daadwerkelijk van deze school specifieke ondersteuningsarrangementen gebruik kan worden gemaakt, is in belangrijke mate afhankelijk van de beschikbare financiën. De genoemde activiteiten en arrangementen worden vanuit verschillende bronnen bekostigd (waaronder de gemeente en individuele schoolbesturen) en bij het wegvallen van deze bekostiging kunnen deze activiteiten en arrangementen niet worden opgevangen door het SWV vanwege de beperkte financiële mogelijkheden.

De extra ondersteuning

Aanvullend op de gemeenschappelijke basis en de schoolspecifieke onderwijs- ondersteuningsarrangementen biedt het samenwerkingsverband op dit moment de volgende extra ondersteuningsarrangementen:

  1. (Preventieve)AmbulanteBegeleiding.
  2. Speciaal basisonderwijs: Horizon, Vuurtoren, Prinsenhof (nog tijdelijk tot uiterlijk 1 augustus 2016)
  3. Basisonderwijs+: Het Zwanenbos is formeel een reguliere basisschool, maar biedt ook leerlingen met een SBO-indicatie ondersteuning. De school was decennialang een SBO-voorziening en functioneerde de afgelopen jaren onder de experimenteerwet in de aanloop naar de invoering van passend onderwijs.
  1. Speciaal onderwijs cluster 3: De Keerkring.
  2. Speciaal onderwijs cluster 4: De Parachute.
  3. Tijdelijke plaatsing in het SBO-SO
  4. Spelbegeleiding binnen het SO.
  5. Meerpunt-deskundigheid vanuit de vele Meerpuntpartners.
  6. Tijdelijke crisisopvang op een van de bestaande voorzieningen.
  7. Observatiemogelijkheden vanuit het SBO, SO of door Meerpunt-deskundigen.
  8. Laagdrempelige cursussen bijvoorbeeld m.b.t. het gedrag van leerlingen, een gebrek aan zelfvertrouwen, bestrijding van stress en verbetering van het zelfbeeld bij leerlingen.
  9. Onderwijs aan zieke leerlingen, zoals dit op dit moment regionaal is georganiseerd.

In hoeverre bij het tegemoet komen aan de ondersteuningsbehoeften van leerlingen daadwerkelijk van deze extra ondersteuningsmogelijkheden gebruik kan worden gemaakt, is in belangrijke mate afhankelijk van de beschikbare financiële mogelijkheden.

Binnen het samenwerkingsverband is ook ruimte voor het ontwikkelen van projecten of pilots, gericht op het creëren van nieuwe ondersteuningsarrangementen. De mate, waarin het samenwerkingsverband daarbij financiële ondersteuning kan bieden, is mede afhankelijk van de beschikbare mogelijkheden. Het SWV kan onmogelijk alle arrangementen, waarvan nu sprake is, handhaven zonder externe financiering.

Verder werkt het samenwerkingsverband nauw samen met een tweetal scholen binnen cluster 2 van het speciaal onderwijs: Kentalis en de Voorde. Beide scholen zullen binnen afzienbare tijd gaan fuseren.

De toelaatbaarheid tot het SBO en SO

De plaatsing van leerlingen in het SBO en het SO is ingebed in de IHI-aanpak. Bij de IHI- procedure wordt tijdig het SBO en/of het SO betrokken, alsmede twee toelatingsdeskundigen overeenkomstig de wettelijke eis. Gezamenlijk wordt gebouwd aan het leerling dossier.

Wanneer tijdens het ondersteuningstraject duidelijk is, dat een leerling is aangewezen op een passend aanbod op een SBO- of SO-voorziening dan wordt in het IHI-overleg een besluit genomen, waarbij het uitgangspunt ‘regulier onderwijs waar het kan’ de basis vormt. Bij dit besluit worden externe deskundigen betrokken zoals wettelijk is geregeld. Het besluit wordt vastgelegd en onderbouwd in het onderwijskundig rapport, dat door de school wordt beheerd. Vanuit het SWV zal worden bevorderd, dat alle scholen binnen afzienbare tijd hetzelfde ‘Model onderwijskundig rapport’ gaan hanteren. Landelijk zijn daarvoor modellen ontwikkeld. Het besluit + de onderbouwing, waarin opgenomen een korte beschrijving van de ondersteuningsbehoefte en het specifieke aanbod op de SBO of SO-voorziening wordt ter afhandeling (inclusief een globale kwaliteitstoets) naar het bij OnderwijsAdvies (de Zoetermeerse onderwijsbegeleidingsdienst) onder te brengen ‘toelaatbaarheidssecretariaat’ gestuurd.

Dit secretariaat stelt de toelaatbaarheidsverklaring op, die na ondertekening door het dagelijks bestuur naar de ouders/verzorgers van de betreffende leerling wordt gestuurd. Het dagelijks bestuur monitort een en ander. Het SWV streeft in dit kader niet naar ‘eenduidige toelaatbaarheidscriteria’, omdat dit onvoldoende tegemoet komt aan de gewenste individuele afwegingen binnen de IHI-procedure.

Ook voor leerlingen, die voor een passend aanbod zijn aangewezen op een SO- voorziening buiten het samenwerkingsverband omdat ons samenwerkingsverband de betreffende leerling geen passend aanbod kan bieden, geldt, dat de ontvangende school zo vroeg mogelijk bij de betreffende IHI-procedure wordt betrokken.

Overigens worden de procedures, zoals die gelden binnen het samenwerkingsverband, waartoe de ontvangende school behoort, gerespecteerd. Het samenwerkingsverband zal in overleg treden met aanpalende samenwerkingsverbanden, waar Zoetermeerse leerlingen onderwijs (gaan) volgen om een zo soepel mogelijke overgang in voorkomende situaties te realiseren.

Voor jonge leerlingen, die naar verwachting zijn aangewezen op een onderwijsaanbod in het SBO of SO en die woonachtig zijn in Zoetermeer wordt in een zo vroeg mogelijk stadium een IHI-overleg (c.q. Meerpuntaanpak) geïnitieerd door de toeleverende instantie (voor zover deze is aangesloten bij Meerpunt). In situaties, waarbij de aanmelding bij de reguliere basisschool, een SBO- of een SO-instelling het eerste contact betreft, start de ontvangende school in principe een IHI-procedure.

De overname van SBO- en SO-beschikkingen

Overeenkomstig de landelijke richtlijnen blijven leerlingen, die op 31 juli 2014 beschikken over een doorlopende SBO- of SO-indicatie, gedurende de periode tot uiterlijk 31 juli 2016 toelaatbaar tot het SBO of SO. Het samenwerkingsverband neemt dus alle bestaande beschikkingen op 1 augustus 2014 over in de overtuiging, dat deze beschikkingen in alle gevallen terecht zijn toegekend.

De overname van SBO- en SO-beschikkingen, die elders in Nederland worden afgegeven

Overeenkomstig de landelijke richtlijnen zal het samenwerkingsverband vanaf 1 augustus 2014 leerlingen, die elders in het land door een SWV Passend Onderwijs een toelaatbaarheidsverklaring voor het SBO of SO hebben gekregen en die om plaatsing op een dergelijke onderwijsvoorziening in Zoetermeer verzoeken, een passende plaats bieden. Toelaatbaarheidsverklaringen hebben vanaf 1 augustus 2014 landelijke geldigheid.

Terugplaatsing van leerlingen vanuit speciale onderwijsvoorzieningen naar een reguliere school

Binnen de IHI-procedure vormt een uitgangspunt, dat leerlingen zo lang en verantwoord mogelijk passend onderwijs blijven volgen op een reguliere (thuisnabije) basisschool. Indien echter in onvoldoende mate tegemoet kan worden gekomen aan de instructie- en ondersteuningsbehoefte van leerlingen, komt plaatsing op een speciale onderwijsvoorziening aan de orde.

Indien wordt besloten om een leerling een passende plek te bieden op een speciale onderwijsvoorziening (SBO of SO) dan blijft altijd de mogelijkheid open, dat deze leerlingen op enig moment weer in aanmerking komen voor terugplaatsing naar de reguliere school. Binnen de IHI-procedure zal steeds worden afgewogen waar de betreffende leerling in het kader van passend onderwijs het beste op zijn/haar plek is.

‘Tijdelijke plaatsing’ binnen een speciale onderwijssetting vormt ook een onderwijsarrangement binnen het samenwerkingsverband. In een dergelijke situatie vormt een afweging m.b.t. een (mogelijke) terugplaatsing naar de reguliere school onderdeel van het ondersteuningstraject.

De onderwijs-ketenaanpak

Elke leerling heeft recht op een zo ononderbroken mogelijk onderwijsproces. Dat geldt niet alleen binnen elke voorziening, maar ook tussen verschillende voorzieningen. Voor alle vormen van overdracht geldt de IHI-procedure, waarvan de warme overdracht (inclusief onderwijskundig rapport) onderdeel is.

  1. De warme overdracht van ‘voorschool’ naar basisschool: voor VVE-voorzieningen in Zoetermeer geldt de verplichting om een overdrachtsformulier te gebruiken. Daarnaast vindt in toenemende mate (aanvullende) mondelinge informatie- uitwisseling plaats. Het feit, dat voorschoolse voorzieningen in toenemende mate in of nabij basisscholen worden gehuisvest, maakt de warme overdracht gemakkelijker.

    Het SWV is van mening, dat deze warme overdracht op alle scholen en voor alle leerlingen moet worden gehanteerd.

  2. De warme overdracht van basisschool naar basisschool: het wettelijk verplichte ‘Onderwijskundig rapport van basisschool naar basisschool’ wordt door alle scholen gehanteerd, waarbij overigens niet door alle scholen hetzelfde model wordt gehanteerd. Het SWV zal in de komende tijd bevorderen, dat door alle scholen hetzelfde model wordt gehanteerd. In Zoetermeer zijn op het niveau van de schoolbesturen procedureafspraken gemaakt met betrekking tot de wisseling van basisschool door leerlingen, gericht op een zo soepel mogelijke overgang.

    De kern daarvan wordt gevormd door afspraken m.b.t. het tijdig aanleveren van het onderwijskundig rapport aan de nieuwe school, opdat deze school mede op basis van dit rapport een besluit tot toelating kan nemen. Het SWV zal bevorderen, dat informatie ook digitaal wordt uitgewisseld.

  3. De warme overdracht van basisonderwijs naar een speciale voorziening (SBO, SO, Curium): gedurende het IHI-traject wordt een dossier opgebouwd (inclusief – zo nodig – een intelligentie-onderzoek, dat wordt bekostigd ten laste van het budget onderwijsbegeleiding van het bestuur waartoe de basisschool behoort) met als kern een onderwijskundig rapport, waarbij het SBO of het SO wordt betrokken. Bij de overstap naar de speciale onderwijsvoorziening is de leerling derhalve al bekend op de nieuwe school.
  4. De warme overdracht vanuit een speciale voorziening (SBO, SO) (terug) naar het (speciaal) basisonderwijs: het IHI-traject wordt gehanteerd, waarbij de betreffende (speciale) basisschool wordt betrokken.
  1. De warme overdracht van basisschool naar VO: in Zoetermeer functioneren tussen basisonderwijs en voortgezet onderwijs afspraken in het kader van de Privo (Primair onderwijs – Voortgezet onderwijs) -procedure. Waar het leerlingen betreft, die extra aandacht of ondersteuning nodig hebben, wordt het voortgezet onderwijs tijdig in het kader van de IHI-aanpak betrokken.
  2. De warme overdracht van basisschool, SBO en SO naar VSO: het voortgezet (speciaal) onderwijs wordt tijdig in het kader van de IHI-aanpak bij het ondersteuningstraject betrokken, waarbij tevens wordt aangesloten bij de 1-zorgroute van het SWV voortgezet onderwijs.

Regionale samenwerking

Niet aan alle Zoetermeerse leerlingen kan – om welke reden dan ook – passend onderwijs geboden worden binnen de gemeentegrens. In die situaties wordt elders een oplossing gezocht. Andersom volgen ook leerlingen van buiten Zoetermeer onderwijs binnen deze stad. Om deze redenen streeft het SWV naar een goede samenwerking met andere samenwerkingsverbanden in de regio. Het eerste overleg daaromtrent is inmiddels geïnitieerd.